EMDR mogelijk effectief voor behandelen van tinnitus (oorsuizen)

EMDR mogelijk effectief voor behandelen van tinnitus (oorsuizen)

Reageren uitgeschakeld

Auteur: Lot Spiertz.

Tinnitus, ook wel oorsuizen genoemd, is het waarnemen van een suizend, piepend of ander geluid in een of beide oren zonder een externe geluidsbron (‘fantoomgeluid’). Voor de meeste mensen is tinnitus van voorbijgaande aard, voor 10-15% wordt het chronisch. De meesten van hen worden hierdoor niet noemenswaardig gehinderd, echter, voor zo’n 3-6% van de bevolking is tinnitus dusdanig hinderlijk of stressvol dat het dagelijks functioneren er ernstig door belemmerd wordt, met o.a. slaap-, concentratieproblemen en hoofdpijn als gevolg. Ook depressie, angst- en andere psychische aandoeningen kunnen samen gaan met tinnitus.

De kenmerken van het tinnitus-geluid (zoals bijvoorbeeld de toonhoogte of het volume) blijken niet bepalend voor de mate van ervaren last. Wel bepalend zijn de interpretatie van het oorsuizen en de emoties en gedrag die het geluid oproept. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat de mate van last toeneemt naarmate het geluid een meer rampzalige betekenis heeft gekregen. Dit roept angst op wat leidt tot verhoogde waakzaamheid en daarmee de waarneming van het tinnitus geluid versterkt (Vlaeyen e.a., 2012).

In een pilot onderzoek hebben Rikkert e.a. (2018) onderzocht of Eye Movement Desensitisation Reprocessing (EMDR) als kortdurende monodisciplinaire behandeling zou kunnen worden ingezet voor het verminderen van tinnitusgerelateerde last. Beargumenteerd wordt dat negatieve (tinnitus gerelateerde) ervaringen een rol spelen in de negatieve betekenis die men met het geluid associeert. Daarmee zou tinnitus een stress netwerk in de hersenen activeren. De parallel met ‘fantoompijn’ en ‘fantoomgeluid’ bracht de onderzoekers op het idee om EMDR, een snelle en aangetoond effectieve behandelingsmethode voor trauma, te gebruiken. EMDR was nog niet eerder onderzocht op werkzaamheid bij tinnitus.

In deze pilot werd in vijf algemene ziekenhuizen de effectiviteit van kortdurende EMDR behandeling (6 sessies) op het verminderen van tinnitusgerelateerde last onderzocht bij 35 patiënten met chronische tinnitus, met ernstige belemmeringen in het dagelijks functioneren. De eerste paar sessies richtte de EMDR zich op negatieve tinnitus- en andere traumagerelateerde herinneringen samengaand met gevoelens van machteloosheid. De laatste sessies hadden de actueel ervaren tinnitussensatie als behandelfocus. Als voornaamste uitkomstmaat nam men de Tinnitus Functional Index, een vragenlijst die de impact van tinnitus op het dagelijks leven meet. De patiënt fungeerde als eigen controle door te vergelijken met metingen gedurende 3 maanden wachttijd van dezelfde patiënt. De eerste uitkomsten zijn veelbelovend: er werd een statistisch significant effect van EMDR op afname van de impact van tinnitus op het dagelijks leven gevonden (NNT=1,95). Dit effect kon niet verklaard worden door afname van bijvoorbeeld post-traumatische stress symptomen. Verder onderzoek zal moeten uitwijzen of EMDR een goede aanvulling op het huidige behandelaanbod voor tinnitus kan zijn.

Voor de klinische praktijk zou dit mogelijk kunnen betekenen dat er een laagdrempelige behandelmogelijkheid aan het stepped care behandelaanbod voor ernstige tinnitus kan worden toegevoegd, vóórdat er naar een gespecialiseerde multidisciplinaire cognitieve gedragstherapie (CBT4T; Cima e.a., 2012) hoeft te worden verwezen. EMDR-deskundigheid is ook in de eerstelijnszorg ruimschoots aanwezig, naast het voordeel dat kortere behandelduur biedt, waardoor de tinnitus in dat geval sneller en dichterbij huis behandeld zou kunnen worden.

Lot Spiertz is GZ-psycholoog bij het specialistisch centrum voor SOLK & Somatisch-symptoomstoornissen bij ggz-instelling Dimence.

Rikkert, M., Rood, Y. van, Roos, C. de, Ratter, J. & Hout, M. van den (2018). A trauma-focused approach for patients with tinnitus: the effectiveness of eye movement desensitization and reprocessing – a multicentre pilot trial. European Journal of Psychotraumatology, 11;9(1):1512248.


Meer van deze auteur:

Gerelateerde artikelen

Terug naar boven